Probleemstelling

Binnen de revalidatiegeneeskunde zijn CVA en dwarslaesie grote patiëntenpopulaties. Wij hebben het idee dat het beleid ten aanzien van de nazorg per revalidatie-instelling kan verschillen en zijn benieuwd welke afspraken er zijn ten aanzien van de frequentie van nazorg en waar deze nazorg het beste kan plaatsvinden.

AMC
Afdeling revalidatiegeneeskunde
Auteurs: Eline van der Kooi en Leonie de Ruijter

Startdatum: 21-11-2016

Doelstelling

Onderzoeksvragen:

  1. Wat zijn de huidige afspraken betreffende de frequentie van nazorg en waar deze dient plaats te vinden bij de dwarslaesie populatie & CVA-populatie na (poli)klinische revalidatie?
  2. Hoe kan de nazorg bij patiënten met status na een CVA of dwarslaesie, die (poli)klinisch gerevalideerd hebben, zo doelmatig mogelijk ingericht worden?
Plan van Aanpak

Follow up na revalidatie bij CVA:

  • Inventariseren clinical practice collegae
  • Richtlijnen doornemen
  • Critically Appraised Topic (CAT)
  • Behaalde resultaten

Zowel de richtlijn, clinical practice van collegae als een gerichte systematische search in de literatuur (CAT) zijn niet eenduidig t.a.v. frequentie van nazorg en wie deze rol op zich moet nemen. Het is onduidelijk hoe de nazorg zo doelmatig mogelijk ingericht kan worden.

Evaluatie / borging

Wij zullen onze bevindingen terugkoppelen aan onze collega’s zodat zij op de hoogte zijn van de huidige verschillen.